Feyenoord leek op weg naar een cruciale overwinning, maar zag die in de allerlaatste minuut alsnog verdwijnen. De klap kwam hard aan — en na afloop ging het vooral over één moment. De tackle op Ayase Ueda.

Robin van Persie hield zich na afloop nog nét in, maar zijn boodschap was glashelder.

“Volgens mij heeft iedereen thuis kunnen zien hoe ik het hebt beleefd. Volgens mij weet iedereen wat mijn menig erover is. Dit is een donkerrode kaart.”

De trainer zag hoe zijn ploeg alles gaf in een duel dat alle kanten op ging, maar uiteindelijk met lege handen achterbleef wat betreft de volle buit.

“Het was een taaie wedstrijd voor beide teams, waar de passie vanaf droop. Twee teams gingen ervoor. Ik ben trots op de spelers. Ze hebben geknokt van begin tot eind. Uiteindelijk hoop je met de kansen die je creëert, dat er nog ééntje bijkomt. Ik kan mijn spelers niets verwijten.”

Toch ging het in de slotfase alsnog mis. Ondanks defensieve wissels en extra zekerheid achterin viel de gelijkmaker diep in blessuretijd.

“Het is natuurlijk verschrikkelijk als je hem zo laat nog tegen krijgt, omdat je er zo hard voor werkt.”

Maar de grootste frustratie zat duidelijk bij het optreden van de arbitrage. De harde overtreding op Ueda werd niet bestraft met rood — zelfs niet na een VAR-check.

Van Persie kreeg na afloop ook geen uitleg. “Niet, ik ben heel benieuwd, geen idee.” En daar bleef het niet bij. “Ik vind het echt ongelofelijk. Dit is dramatisch, dit heeft heel veel gevolgen. Dit zou eigenlijk niet moeten kunnen.”

Daarmee raakt Van Persie een gevoel dat breder leeft: dit moment kan weleens grote impact hebben op de strijd om plek twee.

Toch probeert de trainer ook realistisch te blijven. “Als je alles meeneemt. Het aantal spelers die we moesten missen, diegenen die wel speelden, maar niet helemaal fris waren en het wedstrijdbeeld, dan is het misschien eerlijk dat je hier gelijkspeelt. Alles meegenomen is het een positief punt dat je nog tweede staat, maar we hadden meer gewild en meer verdiend.”