Willem van Hanegem heeft genoten van de ruime 5-1 overwinning van Nederland op Zweden, maar één speler sprong er voor hem duidelijk bovenuit: Crysencio Summerville. De oud-Feyenoorder maakte grote indruk op De Kromme, die de aanvaller zelfs ziet als dé ontdekking van het WK 2026.

”Ik heb erg genoten van Summerville”, begint Van Hanegem in het Algemeen Dagblad. Dat wordt een hele, hele goede voetballer. Ik vraag me dan af waarom hij maar zo kort bij Feyenoord heeft gespeeld en waarom mijn club altijd zo goed is in het afdanken van goede, jonge spelers. Zaterdag deed hij bijna alles goed. Hij was voor mij de beste op het veld. Het was raar dat hij invaller was.”

Volgens Van Hanegem hoort Summerville vanaf nu gewoon in de basis te staan. De aanvaller viel opnieuw op met zijn dreiging en overtuiging aan de bal. ”Dan vinden ze het vervelend dat Malen uit de spits wordt gehaald en zetten ze, om hem te sparen, een nog niet zo ervaren speler opeens op de bank. Summerville hoort natuurlijk vanaf nu in de basis te staan.Ik denk dat hij dé ontdekking van dit WK kan worden. Dat is hij nu eigenlijk al.”

Toch was Van Hanegem ondanks de ruime zege niet over iedereen tevreden. Zo vond hij Virgil van Dijk niet sterk ogen. ”Virgil van Dijk lijkt me niet in goede doen.” Ook Tijjani Reijnders liet volgens hem te weinig zien. ”Net als in de wedstrijd tegen Japan had ik gisteren het idee dat Reijnders niet had meegespeeld Ik vermoed dat hij te veel bezig is met het maken van goals.”

Ook Memphis Depay kreeg kritiek na zijn invalbeurt. ”En dan die invalbeurt van Depay… Dat kan echt niet meer. Het goede spel van de Zweden verraste me. Er waren fases dat ze overhand hadden en ze kregen veel kansen. Ze voetbalden ook goed in de kleine ruimte. Gelukkig voor ons gaven ze ook enorme ruimtes weg.”

Ondanks die kanttekeningen overheerst bij Van Hanegem het positieve gevoel. Richting de knock-outfase kijkt hij met vertrouwen vooruit, al heeft hij een duidelijke voorkeur voor de volgende tegenstander.

”Maar goed, er gebeurde zaterdag genoeg om blij van te worden. Als je me nu vraagt tegen wie Oranje in de volgende ronde het meeste kans zal hebben, dan noem ik Marokko niet. Nee, doe ons dan maar Brazilië.”