Feyenoord heeft Sami Ouaissa nog altijd op de verlanglijst staan. De Rotterdammers worden de laatste uren met verschillende aanvallers in verband gebracht, maar ook de buitenspeler van NEC blijft nadrukkelijk in beeld. Een transfer wordt vooral een serieuze mogelijkheid wanneer Anis Hadj Moussa deze zomer vertrekt.

Ouaissa zelf staat open voor een overstap naar De Kuip, zo vertelt clubwatcher Sander Janssen namens Voetbal International. NEC heeft ondertussen al geanticipeerd op een mogelijk vertrek van de aanvaller en meerdere versterkingen aangetrokken.

”Ze zitten wel in een luxepositie. Ze hebben de vervangers van Ouaissa al binnen met Emre Mor en Tahaui. Mor is een geweldige voetballer, maar je merkt dat hij nog een beetje zijn draai moet vinden. Ik denk dat ze bij NEC daarom hopen dat Ouaissa nog even blijft, een week of twee.”

NEC heeft met Ouaissa afspraken gemaakt over een mogelijke transfer. De Nijmegenaren zijn bereid om mee te denken, maar zijn niet van plan de aanvaller voor een laag bedrag te laten vertrekken. Feyenoord zal daarom diep in de buidel moeten tasten om hem naar Rotterdam te halen. ”Het is niet zo dat ze hem voor een spotprijs wegdoen, maar ze gaan wel meedenken. Als Feyenoord hem wil hebben, moet er ook gewoon aan de vraagprijs worden voldaan. Er zit altijd wel enige onderhandelingsruimte in, maar het is niet zo dat ze hem voor vijf miljoen wegdoen. Ze mikken op tien miljoen euro.”

Ook vanuit het buitenland is er belangstelling voor Ouaissa. De aanvaller geeft echter de voorkeur aan een volgende stap binnen Nederland. Een overgang naar Feyenoord lijkt daarbij zijn voornaamste wens, al moet er eerst beweging komen rond Hadj Moussa.

”Vooralsnog is er weinig concrete interesse”, vervolgt Janssen. ”Ik begreep dat Ouaissa echt wel graag naar Feyenoord wil om in Nederland te blijven en een verstandige stap te zetten. Niet meteen naar het buitenland, waar de kans groot is dat je je basisplek verliest als je twee keer iets minder speelt. Er moet eerst iets gebeuren met Hadj Moussa, dan gaat er pas iets met Ouaissa gebeuren.”